Het is broeierig weer, maar ik heb niets te klagen. De voorspellingen voor vandaag waren veel slechter, met veel regen. Dat ik naar mijn landje kan, is dus mooi meegenomen.
Van thuis heb ik de aubergineplant meegenomen, en een plekje gegeven. Thuis komen er geen vruchten aan. Ook de via de grootgrutter opgekweekte cherrytomaatjes gaan de tuin in. Dit plantje doet zijn best.

De radijs is volgroeid. Ik haal alles eruit, en maak het stuk vrij van onkruid. Thuis maar eens kijken of ik de radijzen wat klein kan snijden, zodat ze door de sla kunnen. Misschien overheerst de smaak dan niet zo.
Omdat de twee bloemkolen duidelijk geen mooie kolen gaan worden, trek ik ze eruit.
Eigenlijk doe ik in eerste instantie hetzelfde met de bietjes. Die lijken aangevreten door muizentandjes. Ik trek ze eruit. Maar dan komt Frans langs, en hebben we het over die bietjes. Het zijn geen sporen van muizentandjes, maar sporen van rupsen en wormen. En Frans laat me zijn bietjes zien, en die zien er eigenlijk hetzelfde uit. Ook nog klein. Hij adviseert de bietjes weer opnieuw in de grond te zetten en groter te laten groeien. Als je ze gaat eten, dan snijd je de slechte stukken er af. Zo gezegd, zo gedaan. En omdat ik van te voren niet wist, dat ik de bieten zou herplanten, heb ik eerder vanmorgen 4 nieuwe bietenplantjes gekocht. Dat wordt spannend, welke gaan het het beste doen, de oude of de nieuwe? De nieuwe zijn waarschijnlijk Chioggia. Dat kunnen we zien als we ze doorsnijden. Dan zie je dat ze rood-wit gestreept zijn. Als dat zo is, dan wil ik er volgend jaar meer van zaaien of planten, want ze zijn zeer geschikt voor rauwkostsalades.
Van de munt heb ik drie takjes afgeknipt. Thuis voor het eerst echte muntthee gemaakt. Heerlijk



 Er gebeuren ook andere, leukere dingen op mijn landje. Zo zijn er al aardig wat radijzen eetbaar. Ze hebben een pittige smaak. En er hangen aardbeien aan de plantjes. Zo eenvoudig dat misschien ook is, ik vind het enig. De bessenstruik doet enorm zijn best. Er hangen al zoveel aalbessen aan, dat ik er nu een net over heb gehangen. Eerst dacht ik dat met de door Frans gedoneerde stokken te doen, maar het net was daarvoor net te klein. Het risico dat zich een vogel klemvliegt in het net, is dan te groot.
Dus het net heb ik nu zonder stokken over de struik gehangen, en goed afgesloten met stenen aan de grond.
aar ze moeten het prille stadium overleven. De bonen zijn nu zo gegroeid, dat de potjes te klein worden, dus die moeten het nu met alleen bescherming van gaas stellen. Ik heb de bonen, die op verschillende plekken stonden, in een rijtje gezet, zodat het wat georganiseerder oogt 🙂

De bietjes doen het goed, en de bloemkool, ookal wordt de krop niet echt een dichte krop.
